Volgers

donderdag 15 september 2011

Familiegeschiedenis

Cornelis Verkleij en Andriana Smorenburg
Jaren geleden kreeg ik van een oud tante een houten lijstje met daarin een vergeeld prentje achter glas met in het midden een altaar waar bruidjes de communie krijgen uitgereikt. Langs de zijkanten staan religieuze teksten in het Frans en onderaan in het Nederlands :
Ter Gedachtenis Uwer Eerste H. Communie
te Loenersloot den 4 October 1853
Adriana Smorenburg. Het is een van mijn overgrootmoeders. Zij is geboren in Loenen aan de Vecht op 10 maart 1840. Als ze 24 is trouwt ze in Loenen aan de Vecht op 9 september 1864 met Cornelis Verkleij , een rijke boer. Dat blijkt uit het testament dat ik van hen heb en een foto van de boerderij die ik jaren geleden na enig speurwerk heb gemaakt. Ze kreeg zeven kinderen, waarvan mijn oma de tweede was.

 Adriana werd slechts 39 jaar. Ze overleed op 17 februari 1880 in Utrecht.

dinsdag 13 september 2011

Verjaardag perikelen

Hè, hè, we hebben het weer overleefd. Gisteren hebben we onze verjaardagen gezamenlijk gevierd. En daar komt toch het nodige voor kijken. Drank, snacks, hapjes, taart, stoelen. Het huis spic en span. 's Middags komen de kleinkinderen met hun mama. Mijn kleindochter legde me haarfijn uit hoe je Pet Party uit Hyves kon spelen. (Ja, als je al niet weet wat Hyves is, dan heb je pech, want dat ga ik hier niet allemaal uitleggen.) Ze deed dat net zo als andere kleinkinderen iets uitleggen over de computer aan hun opa en oma: 'Nou dan klik, hierop en dan daarop en dan krijg je punten. En je moet complimentjes uitdelen. Het bleek dat ik al een huis en een tuin had, waar mijn kleinzoon al vijf keer aan het werk was geweest. Daar heb ik nooit iets van gemerkt. Wat ik van de uitleg heb overgehouden is, dat je leert met geld om te gaan, want als je dat niet hebt, kun je niets kopen. Een stelregel die in de echte wereld ook van toepassing is, maar die door de laatste generaties wel wat minder wordt toegepast. En een complimentje uitdelen is ook nooit weg. Op welke knopjes ik moet klikken, zal ik nog wel eens uitzoeken.
Maar terug naar de feestelijkheden. Rond een uur of acht verwachtten we de eerste gasten, maar er was een vrachtwagen omgekukeld op de A 50 met als gevolg dat er rond Arnhem geen doorkomen aan was. Mijn zwager en zus die in Gendt bivakkeren, raakten in Duiven het spoor bijster toen de overweg geblokkeerd was. Hoe kom je nu bij die andere overweg. Na drie kwartier zoeken, lukte ze dat. Rond een uur of negen was eenieder binnen. Handjes schudden. 'Nee, zoen maar niet want ik ben verkouden.' Cadeaus aan- en uitpakken."O, ja wat leuk." Dan komt de koffie met gebakronde. 'Wat wil wil je appel citroen of rijstevlaai.' Met commentaar omdat ik het niet zelf gemaakt heb. De horecatechniek om verschillende bestellingen te onthouden, gaat steeds meer verloren. Dat betekent extra heen en weer hobbelen. Bij de tweede ronde een dikke bonbon. Ondertussen zit iedereen gezellig met elkaar te kletsen en loop jij het vuur uit je sloffen. Dan komt de de drank. Er wordt heel wat minder gezopen dan vroeger. Dat scheelt natuurlijk wel. Nu komen de zoutjes, nootjes en andere krakdingen op tafel. Ondertussen ben ik druk bezig om de vaatwasser uit- en in te ruimen. Hebben ze hun eerste glaasje al leeg? Tijd voor het eerste rondje kaas, worst, rookvlees en ei. Effe meepraten en dan weer vooruit met de geit. De schuifpui open, want met al die lijven begint het aardig warm te worden. Drankjes bijschenken en dan weer een rondje kaas en worst. Tegen een uur of elf komen de gehaktballetjes met een pittig sausje. 'Ze zijn lekker, wat heb je erin gedaan?' Ach, dan ben ik net Karel Appel, je flikkert er maar wat in wat voorhanden is en mijn kruidenkast is aardig groot, omdat ik van iedereen de potjes krijg waar ze niet mee weten wat te doen. Een paar knoflooktenen erbij en iedereen zit te smullen. Tijd om op te stappen, want iedereen moet op tijd op voor zijn job of vrijwilligerswerk. Tijd voor de GROTE SCHOONMAAK. De stoelen weer naar boven, de glazen en ander ongerief naar de keuken. De flessen opruimen. Helemaal redt ik het niet en morgen komt er weer een dag. Dus ga ik horizontaal en ben binnen vijf minuten vertrokken. ¡Hasta manaña!

woensdag 17 augustus 2011

Vlierbessensap

Het is intussen weer een hele tijd geleden dat ik mijn zieleroerselen aan het papier heb toevertrouwd. Telkens denk ik: daar ga ik wat over schrijven. Maar zoals het met de meeste gepensioneerden gaat, we komen tijd tekort. Vandaag moet het er toch echt maar van komen.
Zoals ik gisteren al op Feesboek meldde, heb ik gisteren vlierbessen geplukt. Vorig jaar was ik te laat en dan erger ik me een winter lang aan het gebrek. De aanleiding om te gaan plukken lag in de maandagmorgen. Zo'n vijftien keren per jaar ga ik op de Horsterhof helpen met groenten inpakken voor de abonnementen. Langs de akkers van de boerderij staan vlieren en ik zag dat ze vol met bessen zaten. Zo toog ik dinsdag met de HEMA bak (handig ding!) achter op de fiets richting de boerderij tot ik een boodschappentas goed gevuld had. De tweede tas vulde ik bij het Gmundenpark, ook al vlak bij mij. Met twee tassen in de bak huiswaarts, waar het echte werk begon. Met een vork de besjes van de bloemschermen ritsen. Kort gezegd een pokkenwerk. Een uur of drie niks anders dan ritsen. Ondertussen kroop er allerlei ongedierte uit. Een spin en wel een stuk of vijf oorwurmen. Ze renden regelrecht de spoelbak met water in. Dat gaf mij de gelegenheid voor mijn dagelijkse goede daad. Met een theezeefje redde ik ze van de verdrinkingsdood. Vlierbessen bevatten veel tannine en dus moet je er zo weinig mogelijk steeltjes en geen onrijpe bessen bij hebben. Onrijpe bessen blijven boven drijven dus die viste ik ik er ook uit met het theezeefje. Intussen was het vijf uur en werd het etenstijd. De bessen gingen in twee grote pannen met een deksel erop. De rest van het werk heb ik tot vandaag uitgesteld. Vanmorgen kon ik meteen weer aan de slag. Eerst de schort voor, want met vlierbessensap kleurden ze vroeger de wijn bij. Als je het in je kleren krijgt, krijg je vast ruzie met wederhelft.
Op school heb ik eens vlierbessenwijn met mijn leerlingen gemaakt. De wijn ging in Raak flessen. (=verdwenen frisdrank) Daarvan kon je de kunststof dop losdraaien. Ik vertelde dat ze regelmatig de dop even los moesten draaien om het koolzuur te laten ontsnappen. Een van de leerlingen deed dat thuis boven de vloerbedekking in de huiskamer. Dat was niet zo'n goed idee. :_((
Toen ik de keukenkast opentrok meldde zich meteen een oorwurm. Het was mooi weer de schuifpui stond open en met een vaardige zwiep mocht hij verder in mijn tuin dollen. Hoe maak je lekker vlierbessensap? Nou, daarvoor struin je internet af en kom je tot de volgende kruiderijen: steranijs, kruidnagel, kaneel, citroen, en per liter 500 g suiker. Zelf heb ik er nog gember bijgedacht. Alles opzetten zonder de suiker. Het zaakje aan de kook laten komen, zeven en de bessen uitdrukken. De uitgedrukte bessen heb ik nog een keertje met wat water opgezet.  Zo had ik acht liter bij elkaar. Die heb ik weer opnieuw aan de kook gebracht met de suiker. Vervolgens zo heet mogelijk overscheppen in schone potten. Het deksel erop en op z'n kop zetten op een oude handdoek. (Als het lekt krijg je weer ruzie). Het resultaat mag er zijn. 16 potten. Wat doe je er dan mee? Het is een heerlijk drankje voor het naar bed gaan. Je gebruikt het als limonade. Een scheutje onderin een glas en heet water erop. Verder gebruik ik het in de rode kool i.p.v. rode wijn. Een scheut in een stoofpotje is ook lekker. En je kunt er ook pudding van maken, of als een sausje over je pudding.  O, ja, voor ik het vergeet. Je moet ook nog de keuken schoonmaken. ... wat een zootje! Nou ja deze winter geen ergernis over het gemis van vlierbessensap.
Om het luie zweet eruit te krijgen ben ik vervolgens naar de sportschool gegaan. Mijn conditie is nog steeds ijzersterk. Morgen weer koken op de Wilg. Nog twee weken en dan gaan ze verhuizen naar een nieuwe locatie. Ik zal mijn keuken missen!

vrijdag 17 juni 2011

Zaterdag 11 juni
Gasthof zur Post
Om half acht wordt ik gewekt door mijn biologische klok en bereiden ons voor op 800 kilometer autobaan richting Hochstadt an der Aisch, waar we vorig jaar op de terugweg ook geslapen hebben bij Gasthof zur Post. Onderweg geen regen van betekenis, geen ongelukken, geen files. Tomtom Truus leidt ons zonder problemen naar onze bestemming. We krijgen een kamer op de derde verdieping en geen lift. Daar moeten we de volgende keer aan denken, want mijn teerbeminde had in Portese genoeg trappen gelopen. In de Gastwirtschaft genoten we een Schweineschnitzel und Rotbarsch ( € 7,- !) mit Beilagen en een flinke pot bier.
Een wandeling door het plaatsje leert ons, dat er veel toerisme is, afgaande op de hoeveelheid Gastenzimmer en verder horeca. De meeste huizen stammen uit de Middeleeuwen. Op de toren van een hoog gebouw zetelt al meerdere jaren een ooievaarspaartje.
Lekker slapen en morgen gezond weer op.

zondag 12 juni
Na een stevig en uitgebreid ontbijt gaan we voor de laatste 515 kilometer. Rond half drie rijden we de van der Goesstraat weer in.
Oost, west, thuis best.

Komkommertijd

Donderdag 9 juni
Een beetje aarzelend, maar toch... Ondanks de deplorabele weersvoorspelling schijnt de zon. We keren langzaam terug tot de levenden. Gisteren kon ik de slaap niet vatten. Ik heb het kwart voor twee zien worden. Intussen lag ik te bedenken dat ik ook nogal wat informatie van mijn oma heb en dat ook verder uit zou kunnen werken. En verder spookte een oud liedje door mijn hoofd waar ik nogmaar enkele regels van ken: 'Op een vlot van houten planken dreef de katholieke jongensschool. Jongens hingen uit de banken, lapten 't leren aan hun zool. Refrein: En temidden van die rommel, rommel, dreef de torenspits van (Zalt)bommel. 2X' 't Heeft dus iets te maken met een overstroming. Leuk om uit te zoeken. En zo hield ik mezelf wakker. De dag begon dus lekker rustig en we besloten 's middags met de auto naar Saló te rijden. De auto te parkeren bij de supermercato en een wandeling te maken met als eindstop de lunchroom van Vassalli. Alle kleedjes en kussens naar binnen, want 't zou kunnen gaan regenen. Paraplu's in de auto en vooruit met de geit. 'Zullen we een paraplu meenemen?', opperde ik nog, maar vergat hem prompt mee uit de auto te nemen. Bij Vassalli hebben we cappuccino met gebak gegeten. O, jongens wat was dat lekker. Patisserie, ijs en koffie kun je meteen gerust hart aan de Italianen overlaten. We waren 12 euro kwijt, maar dat was het meer dan waard. Toen we ons weer in het strijdgewoel mengden. vielen de eerste druppels. 'Je loopt de verkeerde kant uit', probeerde ik nog, maar je weet (of misschien niet) hoe hoe het vrouwelijk geslacht kan zijn: niet naar goede raad willen luisteren en met de neus in de wind ijzeren Heinig doorlopen. 't Ging een tijdje goed, totdat de bui losbarstte. Gelukkig zaten we droog onder een arcade. Mijn aanvallige reisgenote kocht om de tijd te doden de Telegraaf.
Dat was schrikken! Het stond een beetje verstopt, maar op de pagina 'Buitenland' stond het rampbericht: KOMKOMMER GEVONDEN NA HUISZOEKING. Daar staat je verstand bij stil. Hoe is het mogelijk! 'Het leken zulke nette mensen', wisten de buren. Soms kan je je je danig vergissen. Verstopt in het keukenkastje vonden ze ook nog een bloemkool, zes spruitjes en vijf kilo aardappelen. Dat mensen zo diep kunnen zinken! Vermoedelijk ging het om islamitisch stemvee waarvan een met een kopvod. 'Hij is voor eigen gebruik, jammerden de op heterdaad betrapte daders nog. Maar daar trapte het overval commando niet in. 'Dat tuig dat kopjes thee drinkt met Job Cohen. Ik had het kunnen weten', liet commissaris Bullebak weten.
Na dit rampbericht, was ik hard toe aan een hartversterker. Door de hoosbui vluchten we een horeca etablissement binnen, waar ik me laafde aan een glaasje vino rosso. Toen de veerboot een scheepslading Britse bejaarden loste, die en masse de stoelen bezetten, was voor mijn doortastende echtgenote de maat vol. Ze rekende af, kocht resoluut een paraplu voor tien harde euro's en wij bliezen de aftocht, de oudjes in verbijstering achterlatend. Als overjarige Benidorm Bastards samen onder moeder's paraplu geklemd, spoeden we ons over de glimmende kasseien, door de verlaten stegen en sloppen naar onze glanzende bolide. Daar kreeg hij (de paraplu) een ereplaats bij de andere vier, indachtig het spreekwoord: 'Eerst gedaan en dan gedacht heeft menigeen in leed gebracht'. (=Wie z'n hersens niet gebruikt, moet z'n portemonee trekken.)
Thuisgekomen scheen de zon, kwinkeleerden de vogeltjes en ging mijn lief ijverig aan de schoonmaak en ik aan mijn verslag. 'Maar morgen doe jij de keuken en het toilet', zei ze enigzins ontstemd. Daarna reden we voor de laatste keer richting Baia de Vento voor ons galgenmaal. Het einde komt in zicht.
Nog twee nachtjes slapen.
De groeten van hardwerkend Nederland en tot morgen.
Henk en Ingrid

Ruzie met Truus

Woensdag 8 juni
Half negen. De zon schijnt tot een uur of tien. Dan gaat het betrekken. Vandaag gaan we naar Lazise aan de andere kant van het meer, waar we vorig jaar ons stekkie hadden. Mijn onovertroffen reisleidster heeft ruzie met Truus, onze tomtom dame. Knap lastig als er twee dames zijn die je de weg wijzen en de ene het niet eens is met de andere. De chauffeur krijgt de volle laag en die kan er toch echt niets aan doen. Truus wijst een andere kant op als mijn reisleidster en geeft aan dat het 34 km is. Je kunt maar op twee manieren aan de overkant van het meer komen en dat is linksom om rechtsom. Rechtsom is een beetje dom, zoals onze allochtone prinses terecht opmerkte, want dat is zo'n 80 km om. Niettemin wijst Truus toch die kant op. Op dringend advies van mijn reisleidster - en dat is zacht uitgedrukt - kies ik voor de linkerkant. Dan geeft Truus aan dat het dan 45 km is. Met Truus kun je alle kanten op. Maar goed, uiteindelijk bereiken we Lazise en de zon schijnt en dat maakt een boel goed. Lazise is een middeleeuws plaatsje waarvan de stadsmuren nog grotendeels intact zijn. Daarmee is het een toeristische trekpleister van formaat. Een yup zal het als Valkenburg bestempelen, een ondernemer als een goudmijn. Het is vandaag markt en daar komen hordes toeristen op af. We parkeren buiten en dat is lekker gratis. Daarna volgt de gebruikelijke routine, slenteren over de markt, stofjes voelen, kraaltjes bekijken en een cadeautje voor de kleinkinderen zoeken. Daarna wat drinken of een ijsje eten. 'Ik heb het gevonden!', roept mijn wederhelft, als ze op de kaart heeft ontdekt, dat Truus naar de boot wilde die je voor een tientje naar de andere kant overzet. Om de oplossing te vieren koopt ze een duende (ook wel pixie genoemd) om aan haar verzameling toe te voegen. Daarna gaat de reis naar Bardolino, waar ik - volgens de ijzeren pot van mijn ega - vorig jaar zo'n lekkere wijn had gedronken. Om de duende te compenseren kopen we voor het drankorgel drie liter Bardolino Classico van het vat en drie liter Suave. Dan mogen we weer huiswaarts. Onderweg leggen we nog even aan bij de supermercato. Thuisgekomen heb ik een uurtje de binnnenkant van mijn ogen bekeken, om de emoties van de dag te verwerken, om vervolgens naar het Happy Hour van de Cooperatie te gaan. Daar stond de wijn, de olijfolie en de hapjes klaar. De hapjes en de wijn waren lekker, maar 8,50 voor een fles wijn is aardig voor iemand met een vette bankrekening. Ik kan mijn alcoholverslaving makkelijker bekostigen met 2,80 de liter uit Bardolino. De weersverwachting voor morgen is allerbelabberdst. Om 22.00 uur begint het weer te gieten. Je zal met dit hondenweer toch maar uit je tent moeten!
Nog drie nachtjes slapen.
De groeten van Mark en Maxime (en Geert)

donderdag 16 juni 2011

Tiempo vagina

Dinsdag 7 juni
Maria Sterre der Zee
'Wat een tiempo vagina', roept de grootmoeder van onze kleinkinderen, als ze tussen de vette lappen uitkruipt. Het is 18 graden en de zon is zoek. Buiten lopen de campinggasten zonder resultaat te zoeken. Ik zie dat mijn viruscanner helemaal is bijgewerkt. Daar was dat kreng gisteren mee bezig! Maar hier heb ik geen internet en dus is de virusscanner overbodig. Intussen tikt de regen gezellig op het dak. Het humeur van mijn ega loopt gelijk met de temperatuur en het tikken van de regen. 'We gaan niet de hele dag binnenzitten', zegt ze gedecideerd en zo vertrekken we na ons bordje musli naar Gardona Riviera om het museum voor religieuze kunst van het Kindeke Jesus - een vrije vertaling van Il Divino Infante - dat van 10 tot 13 en van 15 tot 19 uur geopend is. Hier kunnen we onze bolide gratis parkeren en bestijgen de trap die naar het museum leidt. Een ruwe schatting; half zo hoog als de Domtoren. Boven aangekomen hebben we een prachtig uitzicht, maar het Kindeke Jesus heeft alleen op vrijdag, zaterdag en zondag tijd voor ons. Dat stond overigens ook op de folder, maar die hebben we natuurlijk niet goed bekeken. Dus dalen we met bekwame spoed weer naar beneden waar een lieflijk beekje uitnodigend door een parklandschap meandert. In het park valt alleen de maagd Maria Sterre der Zee op die in een nis met gevouwen handen smekend ten hemel kijkt: 'Heer haal die wolken eens weg en zorg voor een beetje zonneschijn in ons toch al zo droevig bestaan'. Maar Onze Lieve Heer is vandaag onvermurwbaar: 'Je komt er nog wel achter, als je zo naar tegen je laptop doet.' En voor straf blijft het de hele dag regenen. Wij gaan lekker naar de Vittoriale, een vijf hectare groot park van en megalomane, excentrieke dichter en vrouwenverslinder ene Gabriele d'Annunzio. Zijn leven heeft wel wat weg van Salvador Dalí. Journalist,schrijver, dichter, oorlogsheld. Omdat hij vond dat hij zo belangrijk was, dat ze hem niet mochten vergeten, heeft hij alles wat hij in zijn leven heeft gedaan hier uitgestald. Zo staat er midden in het bos een heus schip, staan zijn auto's te kijk en een vliegtuig en is er een mausoleum waar hij met enkele van zijn medestrijders is opgebaard. Nog tijdens zijn leven - in 1934 - werd begonnen aan de bouw van een amfitheater. In 1938 gaf hij - 75 jaar oud - de pijp aan Maarten. Het amfitheater werd pas in 1954 opgeleverd. Zomers worden er stukken van de hem opgevoerd. De tuinen zijn erg verwaarloosd, maar een bezoek aan zijn huis is echt de moeite waard. Ongelooflijk waar een mens z'n huis mee vol kan stouwen. De graftombe van Toetenchamon is er niks bij. De rest van de dag miezert, regent of giet het.
Thuisgekomen zet ik de Princess bakplaat - je weet wel, waar Cas Spijkers zo'n reclame voor maakte - aan. Die kun je namelijk ook als verwarming gebruiken. De temperatuur loopt lekker op tot 23 graden. Laat de boeren maar dorsen.
Morgen wordt alles beter.
De groeten van Garibaldi.

Pieve di Tremosine

maandag 6 juni
Rond acht uur kruip ik achter de gebreide broek vandaan en stort me op m'n dooie gemak het dagelijkse ritueel. Ik lees de VN van 16 en 23 oktober 2010. Leuk om even terug te kijken en heel verbazingwekkend waarom ik thuis maar geen tijd kan vinden, om er rustig voor te gaan zitten. Als mijn toegewijde echtgenote tot de werkelijkheid is teruggekeerd, gewassen is en gegeten heeft, komt ze met het plan waar ze me al voorzichtig op heeft voorbereid. We gaan naar Pieve di Tremosine. 'Het is wel hoog, maar het is een goede weg', probeert ze me gerust te stellen. Bij zo'n opmerking gaan bij mij het blauwe zwaailicht draaien en de sirene aan. Maar moeders wil is wet en dus gaan we op weg. We doorkruisen al eerder bezochte plaatsjes en plaatsen, totdat de weg steeds meer de bergen invoert en de wegen steeds smaller worden. Dan beginnen de tunnels. Voor mijn medepassagier een crime, maar mij maakt het niks uit. De langste is drie kilometer. Hoger, steeds hoger gaat het, tot het bord Tremosine, daar moet ik linksaf de berg op. Het begint met een stukje tweebaans, maar daarna vernauwt de weg tot eenbaans. De weg draait en zwaait om de bergwand heen, Er is geen enkel zicht van wat er aan komt. Ik heb hier een bloedhekel aan en zie het trauma voor me dat ik dertig jaar geleden in de bergen bij Idro heb meegemaakt. Ik hoor Daniëlla nog zeggen: 'Mijn popje heeft ook de ogen dicht'. Het zweet staat in mijn handen. Wie gaat erachteruit met een tegenligger? Ik moet de auto steeds in allerlei bochten naar voor en achter wringen, om weer vooruit te kunnen. Heb ik wel genoeg ruimte achter? Mijn leidsvrouw in bange dagen spreekt enkele bemoedigende woorden: 'Jij wilt terug'. Niet: 'Wil je terug?' Dat helpt echt. Welke van godverlaten idioot heeft in een boekje gezet dat we zonodig naar Tremosine moeten. Weet hij wel wat hij heeft aangericht? Dat kost me minstens twee jaar van mijn leven. Elke keer als er weer een tegenligger komt, hoor ik naast me gekreun. 'Ik schijt net zulke peuken als jij', bekent ze. 'Ik wist niet dat het zo hoog was.' Daar kan ik het mee doen. In de volgende S-bocht zet ik de auto stil. Het enige lichtpuntje is dat ik er straks - deo volente - een spannend verhaal over kan vertellen. We zijn nog drie kilometer van dat duivelse oord verwijderd. Er komt niets van boven en niets van beneden en ik keer de auto om dezelfde beproeving nog eens te ondergaan. Had ik nu maar een lange broek aangedaan toen ik de kerk bezocht. Mijn engelbewaarder had het erg druk met het regelen van het verkeer en om te zorgen dat ik mijn hersens bij elkaar hield. Ik ben hem eeuwig dankbaar en zal hem ter zijner tijd daarboven uitvoerig voor bedanken. Terug uit de gevarenzone stoppen we in Gargnona. (Je schrijft het gemakkelijker dan dat je het uitspreekt.) De parkeermeter is zoek maar na alle beproevingen die we net beleefd hebben, maakt ons dat niet meer uit. We staan voor een kerk, waar Maria van Altijddurende Bijstand meteen naar binnen huppelt. 'Je mag hier niet binnen met korte broek' staat er al weer in drie talen. Er is hier geen hond die 't ziet, maar ik wil geen risico meer lopen. 'Krijg de apostolische zegen, of iets dergelijks ' denk ik. 'Een hele doeltreffende manier om de mensen de kerk uit te jagen'. Tot zegen van de geestelijk herder van deze parochie, is hij er niet. Anders had hij van mij een donderpreek kunnen krijgen. Die moet ik nu maar bewaren voor de volgende gelegenheid. We wandelen langs de protserige villa waar eens een Italiaanse schreeuwlelijk - ene meneer Mussolini - domicili heeft gekozen. Eerst wil ik een alcoholische versnapering, om de schrik te boven te komen. Voor de afwisseling begint het te gieten. Dus eten we maar een pannino. 'Zat ik maar in Spanje dan maken ze daar wat lekkers van' denk ik. Het klaart weer op en we kunnen zo maar in de zon aan het meer zitten.
Onderweg naar onze schuilhut begint het weer te hozen. We spoelen zowat van de weg af. Ik rij achter de achterlichten van mijn voorganger aan in de hoop dat hij de goede kant uitgaat. In Saló kopen we nog maar een flink stuk zalmfilet om onze frustratie weg te eten. We zijn nog niet thuis of de zon begint onbedaarlijk te schijnen. De vogeltjes kwinkeleren in de bomen en det temperatuur stijgt naar 44 graden. Ga der maar aanstaan! Met ontbloot bovenlijf heb ik de erwtjes gedopt en de laatste halve liter witbier in mijn zompig lijf laten verdwijnen.
'Zullen we nog even Skypen', vraagt Ria na het eten. En zo tuffen we weer naar Baia d V. Ik zal de oplettende lezertjes de details van mijn gedachten besparen, die ik had toen het aftandse secreet waarop ik dit verslag schrijf, ten ene male weigerde om een verbinding met wat dan ook op internet tot stand te brengen. Het liefst had ik het kreng met kracht op de grond gedeponeerd en ten aanschouwen van alle gasten in het restaurant in de tegels geramd. Toen de stoom uit mijn oren begon te komen, heb ik resoluut de klep dichtgedaan. Onderweg lag dat misbaksel op de achterbank te piepen. 'Net goed', dacht ik. Ik krijg je nog wel als ik thuis al mijn tekst eraf heb gehaald.' Mijn vakantie een beetje vergallemiezen!
Nog een gratis advies mijnerzijds: 'Als je hoogtevrees hebt, ga dan niet naar Pieve di Tremosine'.
Dat was het weer voor vandaag.
De groetjes van Sjors en Sjimmie.

De gevolgen van een korte broek en een T shirt

zondag 5 juni
Nog zes nachtjes slapen en dan mag ik weer naar huis. De camping is intussen aardig volgestroomd. Er zijn veel Duitsers en Britten, vertelt een van de jongens van Eurocamp, een rossige Rotterdammer, die met ons een praatje aanknoopte in Saló, toen hij Nederlands hoorde praten. Hij had na zijn schooltijd vijf jaar in de haven gewerkt en hij wilde wel eens wat anders en nu liep hij hier rond. Hoe het verder gaat weet hij nog niet. Hij ziet wel. Fantastisch! Lekker van het leven genieten en het maar op je af laten komen. Dan heb je later een boel te vertellen en wat van de wereld gezien. Vanmiddag zijn we naar San Fermo gewandeld. Het was mooi weer. Voor we weggingen had ik nog even het tafelkleed en de stoelzitjes binnen gelegd, want je kunt hier nooit weten. 'Volkomen overbodig', vond Ria,maar ik vertrouwde het niet. 'Hadden we onze plu's maar meegenomen', bedacht ik. Bij de kerk aangekomen bleek die helemaal op slot te zitten. Hebben wij even mazzel gehad, toen we hier twee dagen geleden waren. We kruipen weer achter het hek 'Vietato' langs. Ditmaal zonder kerkelijke toestemming en filmen de Baia de Vento, die zijn naam eer aandoet, want je waait hier echt uit je hemd. Ik vertrouw het weer nog steeds niet, de zon begint te verdwijnen en het gaat harder waaien. 'Wil je nog naar Baia de Vento? - het restaurant dat we op de heenweg gepasseerd zijn - vraag ik. 'Ja, hoor', zegt Ria en even later zitten we een ijsje te eten. Op de terugweg nemen de route langs de cooperatie, waar we woensdag naar het happy hour gaan. Dan steken we door Portese om bij onze bioboer nog even een paar potten honing te halen. We hebben nu zes liter. Daar moeten we de oorlog toch mee kunnen winnen. Het weer ziet er steeds ongezelliger uit en precies als we ons chalet binnenstappen breekt er een hoosbui uit waar de honden geen brood van lusten. Ik heb een cd van Robert Long opstaan, maar die is compleet onverstaanbaar door de herrie. Het dondert en bliksemt zonder eind. Zouden er zoveel mensen in korte broek en mouwloos T shirt de kerk zijn ingelopen? Of hadden we niet achter het hek bij de kerk mogen komen? God mag het weten. Ik heb lekker pasta gemaakt met heel veel saus. Morgen zouden we een eind weg gaan, maar met dit weer....?
Tot op de barricaden,
Bert en Ernie

woensdag 15 juni 2011

Salò

zaterdag 4 juni
'Ik heb wel eens gehoord dat musici sokken uitwisselen tijdens het spelen, maar dat bridgers onderbroeken ruilen was me onbekend. Ik kreeg een kleurige boxershort met kleefstrips en daarna een blauwe onderbroek met remsporen. En ik bridge niet eens!' Wat zou de diepere betekenis van deze droom zijn. Ik heb de hele dag om erover na te denken.
Om half elf gaan we lopend naar Saló waar markt is. De lucht heeft hier en daar een wolkje. Heerlijk weer met een verkoelend windje. Onze spieren zijn intussen aardig gewend aan het Italiaanse heuvelland. De vraag is waar de markt is in Saló, want het is een grote plaats. Dat is niet echt moeilijk, want je kijkt gewoon waar de mensen met plastic tassen vandaan komen en volgt de weg terug. Godsblij, dat we niet met de auto zijn gegaan, want er is geen doorkomen aan. De wagens zijn compleet ingerichte winkels. Bij de poelier draaien drie geweldige draaispitten volgepropt met kippen. Ze gaan als warme broodjes over de toonbank. Bij een andere kraam liggen de gedroogde hammen en worsten hoog opgestapeld. 'Gaat die man dat allemaal verkopen?', vraag je je af. Kramen vol met keukengereedschap. Ria pakt een rode driehoek met karteltjes, 'Waar zou dat voor dienen?' Het zal altijd een raadsel blijven, want het antwoord is niet boven komen drijven. Een muzikant speelt saxofoon bij een tentje waar we koffie drinken. Een kraam met tafelkleden is de volgende stopplaats. Ria staat aan een kleedje te plukken en vraagt of het patroon in de was wel blijft. Het antwoord van de marktkoopman is natuurlijk bevestigend. Als jij het maar koopt, dat is het belangrijkste. De rest daar kom je thuis vanzelf achter. Uiteindelijk wordt de koop beslist, maar Ria blijft talmen. Is die andere kwaliteit niet beter? Die past ook beter bij de gordijnen. (Zou ik zelf nooit over nadenken.) Er zijn ook kussentjes bij. Ineens zie ik onze tafel voor ons. Ik pak er eentje op. Hoe zwaar is dat ding, want we moeten er vier hebben en ik mag ze nog vijf kilometer mee naar huis sjouwen. Maar ze wegen niks. Leuk, dezelfde kussens als het tafelkleed. Als ik mee ga in de beslissing en even later wandelen we richting het centrum om een broodje te gaan eten bij de Coffee Shop. Ja, daar kun je alleen koffie krijgen! De romantiek van de eerste keer is er wel vanaf. want echt gezellig is de eigenaar niet. Vervolgens gaan we naar Vassalli aan de promenade en drinken samen een Aperol Spritz. Ria aan de drank! Een godswonder! Na nog wat rondhangen, gaan we op huis aan. Om al het luie zweet eraf te spoelen gaan we daar nog even naar het zwembad. Ik mag weer een exquise maaltijd bereiden en zo komen we de dag weer door. Het probleem met de sokken en de onderbroeken wordt helaas niet opgelost. 

Chiesa San Fermo

vrijdag 3 juni
Chiesa San Fermo
Vandaag lekker gelantefanterd. Het is bewolkt. Een interessant interview gelezen met Egbert Tellegen in VN (okober 2010) gelezen, over onze toekomst. Veranderingen in de maatschappij hou je niet tegen, die gebeuren gewoon. In de rubriek 'Uit het leven', zie ik dat Ate Doornbos is overleden. Hij had een programma 'Onder de Groene Linde' waarbij hij oude mensen liet vertellen en zingen over vroeger. Hij heeft lang gewerkt bij het Meertens Instituut. Daar ga ik maar eens op onderzoek uit. Eens kijken of ik nog liedjes van oma terug kan vinden.
Het is bewolkt. Om 15 uur gaan we met de auto naar de chiesa San Fermo bij Baia del Vento. Op de landpunt die vroeger verbonden is geweest met het Isola del Garda staat een kerkje waar nog wekelijks een dienst wordt gehouden. Voor de grindweg staat een bord 'verboden in te rijden'. We parkeren de auto en lopen het grindpad op. De weilanden gaan over in bos. Rechts van de weg is een grote manege en overal staat hekken met 'Vietato'. We lopen om de hekken heen naar de kerk. De herrie van een heggeschaar klinkt. Bij de kerk zijn twee mannen de omgeving aan het fatsoeneren. De kerk is gewijd aan San Fermo, een of andere krijger. Het huisje van de priester is aan de kerk vastgebouwd. Die priester is er al lang niet meer. Vroeger voorzagen ze op zulke afgelegen plekken in hun eigen onderhoud. Dat is lang geleden, de omgeving is helemaal verwilderd. Een van de mannen doet het licht aan. Er staat een beeld van de heilige bij de uitgang. Als we weer weg willen gaan, roept een van de mannen: 'Panorama', hij wijst om de kerk heen. Nou ja, als we kerkelijke toestemming krijgen, willen we wel om het hek heen verder kijken, ondanks het bord 'Vietato'. Er loopt een paadje verder naar het einde van de landtong. Hier gaat het steil naar beneden en is het met hekken afgezet. Het is inderdaad een imposant uitzicht over het Gardameer. Het Isola del Garda lijkt vlakbij. Het begint het te waaien en niet zo'n beetje. Terug bij de kerk begint het te hozen. We schuilen totdat het weer opdroogt.
Even verder ligt de haven van San Felice. Door straatjes waar je niet kunt passeren komen we op een leeg parkeerterrein. Er staat wel een parkeermeter. We hebben één keer kennis gemaakt met de parkeermaffia en hebben geen behoefte aan een tweede en manouvreren ons weer terug naar de bewoonde wereld. Met de kaart in de hand stuurt Ria me naar Cisano, een gehuchtje dat onder San Felice valt. Hier zit volgens mij heel wat geld van de Europese Unie in. Mooi!! en geen hond te zien. Ook elke toerische attractie ontbreekt Geen winkel, geen kroeg, nada. Er zit wel een chique restaurant maar dat gaat pas om half zeven open. Wij dineren straks in ons eigen restaurant Go4Camp nr 3. Door naar Portese voor wat inkopen. In de plaatselijke kroeg drink ik het modedrankje Aperol Spritz. Een uitstekend drankje voor koninginnedag want het is oranje met een schijfje sinaasappel en veel ijs. Ons diner bestaat uit op de huid gebakken zalmforel, biologische salade van iceberg, paprika, tomaat, ui, gember, knoflook met als finishing touch; dressing van de Lidl, daarbij een in de koekenpan gebakken aardappel. En als dessert volle yoghurt met bramensaus uit de tuin in Duiven. Zo daar kunnen ze in Cisano nog een puntje aan zuigen!
Thuisgekomen krijgen we van Miranda en Henk uit Zwolle de basilicumplant die zware tijden heeft overleefd. Zij gaan naar huis en nemen node afscheid van hun troetelplant. Melle de hond, vindt het allemaal best, zolang hij maar languit kan blijven liggen. 's Avonds zijn we nog even langs geweest om afscheid te nemen en een goede reis te wensen, maar de tent was dicht en roepen leek ons niet zo gepast.
De groeten van Gert en Hermien en tot morgen.

Parco Giardino Sigurtà in Valeggio

donderdag 2 juni
Knap span!
Hemelvaart en dus druk. Ria heeft het Parco Giardino Sigurtà in Valeggio sul Mincio op de rol staan. zo'n 45 km hier vandaan. Het weer is niet 'je dat'. (Wat een vreemde uit uitdrukking als je hem opschrijft.) Maar zo schijnt de zon en zo regent het hier. Dus vooruit met de geit. Het park is enorm groot zo'n vijftig hectares, en wij zijn niet de enigen die er vandaag een bezoek aan brengen. Pluspunt: gratis parkeren!, De entree is voor oudjes zoals wij 8,50 euro. Nog maar nauwelijks binnen begint het te miezeren. Er staan zoveel bomen dat je redelijk droog kan blijven. Maar eerst dringend een sanitaire stop. Pluspunt: gratis. We krijgen een plattegrond mee maar kunnen ons moeilijk oriënteren. Het weer klaart op en rond drie uur begint zowaar de zon te schijnen. Ergens in de 15e eeuw is het park bij een kasteel gesticht en steeds in andere handen overgegaan, todat ene meneer Giardino Sigurtà, directeur van een farmaciebedrijf. (Zo weet je waarom onze geneesmiddelen zo duur zijn.) het park en de huidige staat bracht en in de jaren 90 voor het publiek openstelde. Gigantische gazons en waterpartijen, kortom je brengt hier met gemak een dagje door en hebt dan niet alles gezien. Rond een uur of vijf hebben we de tong op de schoenen hangen en gaan we op zoek naar de ucita. Vanwege de drukte op de weg stelt mijn reisleidster voor om binnendoor over Solferino te rijden, 'Solferino? Van de slag bij Solferino?. Mijn reisgenote kijkt me verbaasd aan; 'Nooit van gehoord'. In 1859 hebben Frankrijk en Oostenrijk hier slag geleverd. In het dorp gekomen, zoeken we een parkeerplaats en gaan er eens rustig voor zitten bij Caffetteria Pasticceria Gelateria Arcobaleno aan de Piazza Torelli. IJs, gebak, 't ziet er allemaal heerlijk uit en zo smaakt het ook. Dan verder naar het ossuarium (knekelhuis). Dat is in de kerk San Pedro. De resten van zo'n 7000 militairen zijn hier keurig opgeslagen. We leren het nooit!!! Weer zo'n zinloze oorlog. Er bleven 250.000 doden en gewonden op het slagveld achter. Reden voor Henri Dunant om het Rode Kruis op te richten. De rest van de terugreis rijden we de toeristische route. Muy bonito!
De groeten van Puk en Muk en tot morgen.

Duitse komkommers

woensdag 1 juni
Madonna del Carmine
We hebben Duitse komkomkomers gegeten (die heten hier zuchinni) en nu groeien er groene haren uit onze oren. De hele camping is komen kijken en we zijn entree gaan heffen. Op dit moment hebben 200 euro binnen, dus kunnen we nog een weekje blijven. We hebben contact gehad met de Nederlandse ambassade en moeten ons bij de douane melden als we teruggaan. We zullen vergezeld worden van een escorte dat bestaat uit ambulances uit Italië, Oostenrijk en Duitsland, voorafgegaan door een het Limburgs symfonie orkest, de Maastrichter Staar en een afdeling van Afghanistan veteranen. Dat komt ervan als je Duitse komkommers eet! Voor de rest regende het tot vanmiddag en zijn we vanmiddag eerst naar de bedevaartskerk van de Madonna del Carmine uit de 15e eeuw geweest met schitterende fresco's. Daarna naar Saló geweest om inkopen te doen en een boulevaartje te pakken. We hadden veel bekijks, maar beroemdheid went snel. We hebben intussen een manager aangenomen die de reserveringen regelt. Vanavond uit eten bij Baia del Vento. Er stond een complete Italiaanse basisschool klaar om ons zingend welkom te heten en daarna was er een diner voor een man of vijftig. Dat was wel een verrassing. In het zwembad was niemand meer te zien, maar daar zijn we ook niet geweest.
Hasta luego
pepino y naranja

Isola di Garda

dinsdag 31 mei
Isola di Garda
Wat heerlijk, als je niks mankeert! 't Is nog niet helemaal over maar de koorts en de krampen zijn verdwenen. Om half tien staan we bij de haven van Portese en gaan we met de boot naar Isola di Garda. Bij het vertrek van de boot, stond ik op van mijn plaats en hief spontaan 'Alle Menschen werden Brüder' aan. Het was tenslotte een gemêleerd gezelschap. Velen kregen tranen in de ogen, overweldigd door het moment. Ria ging daarna met de pet rond en laten we nu precies 35 euro hebben opgehaald! Isola di Garda is een eilandje, zo'n tien minuten varen van Portese. Ontstaan door een aardbeving die het van het vasteland afscheidde. De Romeinen vonden het al een leuke stek. Ze brachten er dieren naartoe en gingen er vervolgens op jagen. Geen kunst aan, want het was een kale boel, getuige een schilderij uit 1200 de tijd dat Franciscus van Assisi hier een klooster stichtte. Het eiland ging van hand tot hand en werd zelfs rond 1860 een militaire vesting toen de Oostenrijkers het gebied rond het Gardameer betwistten. Op de resten van het klooster werd een paleis gebouwd en bewoond door verschillende welgestelde families. De huidige bewoners doen er alles aan om de overweldigende schoonheid van de tuinen en het paleis in stand te houden. Onze gastvrouw en gids was een van de huidige bewoners. Na de rondleiding kregen we een drankje aangeboden en voor de boot weer richting Portese. Terug op de camping dook mijn aanvallige medebewoonster nog even het zwembad in. Daar hoor je een badmuts op te hebben, ook al zie je er dan uit als Jan Joker. Een heer met een flinke baard zocht ook verkoeling, maar de badmeester riep hem eruit. Z'n baard moest ook bedekt zijn! Dus leende hij van zijn kale maatje z'n muts. Sinterklaas was er niks bij. Nou het is weer mooi voor vandaag.
De groeten van Jut en Jul en tot morgen.

dinsdag 14 juni 2011

Bijna beter

maandag 30 mei
Uit de 12e eeuw
De onbestemde krampen zijn niet over. Maar met paracetamol is het dragelijk. We gaan naar Baia de Vento. Vandaag is het rustig. De Italianen zijn weer thuis en ik kan met gemak de auto kwijt. Mijn laptop heb ik thuis op de standby stand gezet. Dat scheelt kilometers bij het opstarten. Met de inlogcodes van onze gastheer ben ik zo op internet. Het aanmelden bij Skype wil maar niet lukken. Ondertussen heeft Ria een sms verstuurd, om Daniëlla te waarschuwen. Eindelijk hebben we contact. Daantje heeft haar webcam aan. Floris en Anne hebben het veel te druk. Behalve om gekke bekken te trekken. Floris is met de F-jes kampioen geworden. Die gaat nog een spelen voor Feijenoord! We eten wat en gaan weer richting camping. Ik voel me steeds beroerder. 's Middags gaan we naar Toscolano Maderno. Met het kleingeld dat we hebben kopen we een parkeerkaart. Er is een prachtige gerestaureerde Romaanse kerk uit de 12e eeuw. Bij de restauratie hebben ze ook de crypte, waar ooit een bisschop begraven was, toegankelijk gemaakt. De moeite van het bezichtigen waard. We lopen en zitten wat bij het meer. Als we terug bij de auto komen zit er een vette prent op de voorruit. 35 euro! Er is nog nauwelijks een toerist te ontdekken! Parkeermaffia! Moet ik verdomme de bunga bunga feestjes van Silvio bekostigen! We zie wel hoe het verder gaat. We gaan op huis aan en bij de receptie vraag ik naar een dokter, voor het geval dat. Daarvoor moeten we naar Gavardo een kilometer of acht bij ons vandaan. Ondertussen zijn we aan het denken over als .... Naar het ziekenhuis, naar huis... Ik maak nog wat te eten en lig om negen uur in bed. Om elf uur komt de mevrouw die altijd naast me slaapt, me gezelschap houden. Ik neem Belladonna en een paracetamol. De pijn en de krampen zakken. 's Nachts lig ik te zweten en de volgende morgen zijn de ergste verschijnselen voorbij.
De groeten van Berendbotje - die is uit varen - en tot morgen.

Beetje ziek

zondag 29 mei
Onze keukenmeester
Als ik dit schrijf heb ik net Arnon Grunberg gelezen in de VN van december. Humor en inspiratie!
Zondag is de dag des Heren, hebben we vroeger geleerd. Misschien stond het wel in de katechismus.(Wat is dat? hoor ik vragen.) We brengen de ochtend in gepaste rust door. Ik zeg de Villa des Roses en Willem Elsschot vaarwel. Van hem wil ik nog eens meer van lezen. Tegen de middag besluiten we naar Baia del Vento te wandelen, zo'n 2,5 kilometer. Daar is het lekker druk met mensen die graag een kleurtje willen, maar niet te donker, zodat je meteen tot de allochtonen gerekend wordt, met alle narigheid van dien. Vanwege de drukte moeten we de drankjes zelf halen, behalve als je wat gaat eten. Ik denk dat een glaasje witte wijn er wel in kan, maar dat moet ik toch maar niet meer doen. Wat mij betreft kunnen we de hele middag hier blijven zitten om rond een uur of zes de limousine voor te laten rijden. Ria verkeert echter niet in de z(w)evende hemel, dus ben ik genoodzaakt de terugweg met de benenwagen te nemen. In ons comfortabele chalet staat de airco aan, zodat ik fris en fruitig aan de maaltijd kan beginnen. Iceberg met biotomaat, ui en dressing van de Lidl. (Wat een afgang! Ben bij nu die kok die alles zelf wil maken? Antwoord: 'Zondag rustdag.) Ik pof een aardappel in de magnetron, tenslotte ben ik niet voor niets Master of Microwave! En samen met bio paprika tomaat, ui en knoflook bak ik die in de koekenpan. Nog een paar roosjes knapperige bloemkool erbij en twee varkensfilets op de bakplaat, hebben we weer een koningsmaal. 's Avonds raken we aan de praat met onze internetburen en drinken samen een glaasje wijn. Onze loopbanen worden uit de doeken gedaan en de dames voelen zich verwant, omdat ze beiden reuma hebben. Bij de heren komt de hoogtevrees ter sprake. Als het spannend wordt nemen de dames het stuur over. Ze hebben dan wel reuma, maar geen hoogtevrees. Stof genoeg dus om over te praten. Ik voel me de hele dag al niet helemaal lekker en dat wordt steeds een beetje erger. Onbekende spieren in mijn buik verkrampen. Ik ben blij dat we om elf uur stoppen. Maar de nacht brengt me niet veel goeds. Ik lig bij tijd en wijle te krimpen van de pijn. Ga ik hier voortijdig de pijp uit? Ik wil de story van mijn peetoom nog afmaken! Zo nu en dan dommel ik even in. Ik voel dat ik koorts heb. Rond half vijf ga ik eruit en neem een pijnstiller. Dan slaap ik nog tot negen uur. Mijn huisgenote heeft hoofdpijn en blijft nog even liggen. Mijn schrik om tegen de berg op de camping op te rijden is over. Ik heb een liter Grappa in de auto staan!
De groeten van Bassie en Adriaan en tot morgen. 

Bij de bio boer

zaterdag 28 mei
Bij de bio boer
Lekker geslapen en rond 9 uur uit de veren. We rijden naar Baia de Vento een strandtent tussen de olijfboomgaarden. Ik wil de auto parkeren tussen de olijfbomen, maar daar vraagt zo'n Mafioso figuur weer vijf euro voor. Ja daag! We vinden nog net een parkeerplaatsje dichterbij. Ik heb m'n laptop mee, want hier is gratis WIFI. Mijn laptop stamt uit de Middeleeuwen en redt het drie kwartier op eigen kracht. Dan is de accu leeg. Om het gratis internet op te komen moet ik me registreren. De vriendelijke ober vertelt hoe dat moet en dat we dan via sms een toegangscode krijgen. Tja, maar dan moet je wel je mobiel bij je hebben. Hij redt ons uit de brand door zijn inloggegevens te verstrekken. Zijn Username is CRIMAFFI ! Nou ja, we zitten in het land van Silvio Berlusconi, dus daar hoef ik me ook niet over te verwonderen. Dan begint het lange wachten, want wat er allemaal in de buik van mijn computer gebeurt, mag Joost weten. Maar het duurt eeuwig. Gelukkig heb ik een kwart liter rode wijn besteld en dat verdoofd de ergernis. Als mijn accu bijna leeg is, kan ik eindelijk wat berichten inzien. De rest hoop ik maandag te kunnen lezen. Ondertussen komen er allerlei aantrekkelijke gerechtjes voorbij voor nog aantrekkelijkere prijzen. Dan doen we dan ook maandag, want nu hebben we er net een paar broodjes in gestopt. 's Middags gaan we te voet op ontdekkingstocht naar San Felice del Benaco. Langs de camping loopt een steil wandelpad recht naar Portese. Aan de andere kant zien we zowaar een bioboerderij. Die bewaren we voor de terugtocht. Boven aangekomen steken we recht over en duiken weer een steegje in. Verbazingwekkend hoe de tijd hier stil is blijven staan, als je ten minste naar de gebouwen kijkt, want tussen die smallle straatjes en poorten wurmen zich kleine autootjes door. Midden in Portese staan de restanten van een kasteel. De grote poort is blijven staan. Om Portese heen gaan we verder naar San Felice tot we een bordje 'centro' tegen en weer een smal straatje inslaan. Beneden aangekomen blijken we weer midden in Portese te staan! We hebben een rondje gelopen! We keren terug op onze schreden, op naar San Felice d B. Langs de weg ligt een mooi wandelpad. Zo is het er en zo wandel je over de weg, terwijl het verkeer vlak langs je raast. Het lijkt Spanje wel! Op de markt strijken we neer en bestellen een coupe Zabaione. In de verte smaakt het daar ook wel naar, maar het is veel te weinig! Voor ons zit een oud dametje. (Zijn er dan nog oudere mensen dan jij? Antwoord: Het is zeldzaam maar ze zijn er. Om zo oud te worden moet je elke dag biologische olijfolie en knoflook gebruiken.) Ze gaat lekker in het zonnetje zitten, met de rug naar de markt, om die toeristen uit alle windstreken te bekijken. Ze is vast schooljuffrouw geweest. De baas knoopt een praatje met haar aan en brengt een espresso die met kleine slokjes opdrinkt. Dan steekt ze een sigaretje op. Ach, het leven kan zo mooi zijn. Hou het simpel! Op de terugweg gaan we weer langs de bioboer,een stokoude bijna blinde man, die helemaal krom loopt. De tuin is zijn lust en zijn leven. Als ze hem in een bejaardenhuis stoppen, gaat ie meteen hemelen. Hij prijst zijn waren aan, die naar mijn zeer bescheiden mening veel te goedkoop zijn. Een kilo doperwten voor 1,70. Dat is 85 cent per persoon! Een wand staat helemaal volgestouwd met allerlei soorten honing. 'Daar neem ik straks zes potten van mee', juicht Ria. Ze is dol op eucalyptus en kastanjehoning. En maar 7 euro per liter! We moeten ook nog even mee de tuin in, want er is net een bijenkoningin uitgevlogen en de zwerm hangt in de netten boven de bomen. Op naar huis, waar ik achter de kookpotten ga. Ria heeft onderweg nog de zaterdag Telegraaf gekocht. Als ik alle ellende en stiekeme stokerijen lees - hier en daar en bijvoeglijk naamwoord en zo worden we geïndoctrineerd - sla ik de krant maar weer dicht. Ik heb vandaag geen behoefte aan al die narigheid.
De groeten van Knevel en Van den Brink en tot morgen. 

Desenzano

vrijdag 27 mei
Het is rond zeven uur als ik de echtelijke sponde verlaat, om de dag tegemoet te treden. Wat een volzin hè. Nou ja ik ben dan ook Willem Elsschot aan het lezen en dat inspireert. De wandeling van gisteren heeft geholpen, er zijn een paar onsjes vanaf! Een bijzonderheid die ik tot nu toe nog niet vermeld heb, is het ontbijt. Indachtig de 94 treden heen en terug die ik elke morgen zou moeten nemen om brood te halen, hebben we gekozen voor een Musli ontbijt. Mijn hartje met sojadrank en ik met yoghurt. De sojadrank is van thuis meegenomen en drie liter yoghurt hebben we in Affi gekocht, Had ik gisteren nu maar niets over het weer geschreven, want vandaag laat de zon verstek gaan.Thuiszitten is geen optie. Dus gaan we op pad. Mijn maatje wil graag naar de bedevaartskerk Carmine bij San Felice del Benaco. Maar het is rond twaalf uur en dus gaat de kerk net voor onze neus dicht. Dan rijden we door naar Desenzano zo'n vijftien kilometer verder,van rotonde naar rotonde en door alle plaatsjes heen. Hier zijn we vorig jaar - en vijfendertig jaar geleden (1976) - ook geweest. Zoals het een heer (?) van mijn leeftijd past, herinner ik me weinig. Mijn wederhelft heeft trek en zoekt het stekkie waar we vorig jaar ook een broodje gegeten hebben, aan het haventje onder de parasols. Net als vorig jaar ziet het er dreigend uit en begint het ook te regenen. De bediening begint in een razend tempo de tafels af te ruimen. Ze verwachten een hoosbui. En die komt! Voordat de bui echt losbarst verkassen we naar de luifel voor het restaurant. Bij het terras ernaast zitten de mensen onder de parasols rustig door te eten, maar die lust vergaat ze al snel. Het water komt met bakken naar beneden en het pad tussen de tafels wordt een snelstromend beekje. De serveersters lopen plotseling in doorkijkblouses om dat ze steeds moeten oversteken. Het meer is achter een grijze mist verdwenen. Ook onder luifel begint het te spetteren. We gaan naar binnen waar de tv geluidloos beelden vertoont. Om de paar minuten minuten bedient iemand de afstandbediening en verdwijnt dan weer zodat we van een soap overschakelen naar een ander absurdistisch programma of een ernstige heer die de toestand in de wereld bespreekt. Ik heb nog wel zin in een bak koffie. Eindelijk klaart de lucht op en laat de zon zich zowaar zien. 'Wat zielig', roept mijn ega als een hele hippe dame voorbij trippelt met de neus omhoog en de borstjes vooruit. 'De knieën van haar nieuwe broek zijn helemaal kapot! En ze heeft net als clown opgetreden, maar zich nog niet afgeschminkt.' Als we voor Bar Patisseria Bosio, heeft mijn schatje dringende behoefte aan een sanitaire stop. Op een kaartje staat dat er - naast vele andere talen - ook Nederlands wordt gesproken. En zowaar heeft de dame achter het buffet veertig jaar geleden een Italiaanse banketbakker aan de haak geslagen. Om het Nederlands niet te vergeten heeft ze een decoder aangeschaft om de vaderlandse tv te kunnen zien. De specialiteit van het huis is een bijzonder gebak, waarvan het deeg enkele dagen moet rijzen en waar rozenblaadjes en likeur zijn verwerkt. Dat moeten we natuurlijk proeven en blijkt de ingelaste pauze meer dan waard. Op de terugweg naar de auto doemt de Duomo (=Dom) voor ons op. Het is bijna half vier en dan mogen we weer naar binnen. In het kerkportaal hangt een verbodsbord. Geen mouwloze shirts en geen korte broek. Bij mijn weten zijn we allemaal bloot ter wereld gekomen en maakt het Onze Lieve Heer weinig uit, hoe zijn schepselen zich uitdossen. Laat hij eerst maar eens beter de doopceel van zijn personeel lichten voor hij ze aanneemt. Onderweg naar huis hebben we de koelkastvoorraad aangevuld in een grote supermarkt. 's Avonds breekt de hel los boven de camping en doet onze Schepper het noodweer nog eens dunnetjes over. Dat komt ervan als je met een mouwloos T shirt en korte broek de kerk ingaat. Maar wij zitten dan al lekker in ons kunststof chalet.
De groeten van Jan Klaassen en Katrein en tot morgen. 

Saló

donderdag 26 mei
Saló
Om zeven uur prikt de zon zo in mijn ogen dat ik er maar uitga. Na de gebruikelijke routine kruip ik achter de laptop om mijn verslag te schrijven. Het gaat lekker. Ik lees intussen Villa des Roses van Willem Elsschot. Ik heb over hem (Willem de Ridder) een programma op tv gezien en was nieuwsgierig. Het speelt in 1935, als ik het goed begrijp zat Elsschot toen in Parijs en beschrijft hij zijn belevenissen. Meneer Brizard heeft zich zonet van het leven beroofd in de achtertuin van het pension. Morgen weer verder. Het is half tien en ik trek m'n zwembroek aan om even een paar baantjes te trekken. Het zwembad is bovenop de begane grond gebouwd en ligt erbij als een Romeins bad. Er is alleen een jong echtpaar dat met hun baby speelt en foto's maakt. De baby is helemaal gefascineerd op die redelijk corpulente meneer met grijze haren en een baard en reageert enthousiast als die maar blijft zwaaien. Na een paar baantjes, heb ik aan mijn de mij zelf opgelegde verplichting gedaan, laat me opdrogen in de zon en keer ik huiswaarts. Net als ik aankom trekt mijn bedgenote de gordijntjes voor de slaapkamer weg. Ze heeft slecht geslapen. Rond een uur of twaalf begin ik honger te krijgen en haal nog net op tijd broodjes, want om twaalf uur gaat de campingwinkel dicht. De harde broodjes gaan net voor mijn neus weg. Ik moet het doen met wat voorverpakt brood. Later kruip ik weer achter de laptop en gaat mijn blonde fee op zoek naar haar bril. Dat duurt nogal een tijdje totdat ze ontdekt dat ik die op mijn neus heb! 's Middags gaan we wat doen aan onze conditie. We wandelen naar Saló een kilometer of vijf heen en later weer terug. O ja, ik heb het nog niet over het weer gehad. Het is heerlijk weer. Zo nu en dan een buitje, vooral 's nachts en voor de rest een stralende zon. Langs de hele stad ligt rond het meer een prachtige promenade. De lopen we helemaal af en tracteren onszelf op een Eiscafé. 12 euro, dat is wel wat veel voor zo'n ijsje en dan hebben ze nog geeneens de calorieën eruit gehaald. Op het terras beoordelen we de voorbijgangers die nog dikker zijn dan wijzelf. Schrale troost! Verderop worden tv opnamen gemaakt. De dieselmotoren grommen om de benodigde stroom op te wekken. Mannen lopen met kabels te sjouwen. Op een stukje gazon zijn twee stoelen en een tafel neergezet met een cactus erop. 't Zal wel een stekelig onderwerp zijn, waarover ze gaan praten. We nemen plaats op de stoelen en als een man in een strak pak aan komt lopen, bestellen we twee koffie en beginnen hevig te zoenen. Eerst is hij verbaasd en daarna knap geïrriteerd. Hij heeft zeker nog nooit van de Benidorm Bastards gehoord, de droogkloot. De man in het strakke pak moet de interviewer zijn, de belangrijkheid straalt van hem af. Daar kunnen Pauw en Witteman nog een puntje aan zuigen. Die koffie hebben we ergens anders gedronken. Dan wordt het langzamerhand tijd om de terugtocht te aanvaarden. Met de tong op onze schoenen strompelen we weer terug. Ik geef het je te doen om na tien kilometer nog eens die hele berg te beklimmen. Ik zie de buurman achter zijn laptop zitten en vraag of hij internet heeft. 'Ja, hoor vandaag aangevraagd en 't werkt als een speer.' Waarom bij hem wel??? Morgen maar eens vragen bij de receptie. We gaan nog even zwemmen om het luie zweet af te spoelen en daarna maak ik wat lekkers voor het diner. Het is nu elf uur en ik denk ik dat ik de stekker er maar uittrek.
Buenes noches y hasta mañana.
Pien en Bianca

Gardone Riviera

Woensdag 25 mei
De redacteur achter zijn laptop
Ik word rond vijf uur wakker, kan de slaap niet meer vatten en ga eruit. Ik ontbijt, zet koffie en lees de VN (Vrij Nederland) van december 2010. Ik heb een hele stapel,maar thuis kan ik er de rust niet voor vinden. Er staat nog een kort resumé in over de Kabinetsformatie. Hoe in het CDA de principes overboord worden gegooid met aan het hoofd Maxime Verhagen (Wat zitten we toch altijd verlegen om een sterke man en wat zitten welbespraakte mannen om macht verlegen.) Econoom Kees Kraaijeveld legt uit dat we straks - en dat is nu - zullen moeten dokken om de euro in stand te houden. Ik denk aan Willem Middelkoop die al lang geleden te kennen heeft gegeven dat als we de banken niet aan banden leggen de tweede crisis eraan zit te komen. De banken gaan hun gang weer.(Ik erger me vaak aan de zand in de ogenstrooiende reclame op televisie. Och, wat zijn ze toch begaan met onze centen.) Dan een interview met Job Cohen de gedoodverfde messias die tijdens de campagne enorm stond te stuntelen. Hij is jammer genoeg niet zo goed gebekt en adrem als zijn opponenten. Oneliners daar gaat het tegenwoordig om in de politiek.
Maar hoe brengen we de dag door? We zijn verstoken van televisie en hebben op ons stekkie geen WIFI ontvangst. Misschien als we wat lager gaan zitten, maar dat is wel veel gesleep en bovendien mogen we dan 30 euro neertellen voor twee weken. Voor dat halve uurtje per dag vind ik dat wel veel. We gaan vandaag naar de markt in San Felice del Benaco. Echt overweldigend! Minstens vier kramen, een met ondergoed, een met schoenen uit de tweede wereldoorlog en een groentenboer. We kopen een meloen, sperziebonen en bij een andere groentenboer nog een tweepersoons bloemkooltje. Bij de bakker twee broodjes voor de lunch. Dan rijden we naar Baia de Vento. een prachtig strandje, achter olijfboomgaarden, die nu als parkeerplaats wordt gebruikt. Zo te zien moet het hier razend druk zijn in de weekenden en in het seizoen. Er liggen wat waterfietsen, een Italiaanse schone staat in het water om bij te kleuren. Ze angstvallig het bovenstuk van haar badpak vast, waarvan ze de bandjes heeft losgeknoopt. Een hondje rent heen en weer tussen zijn baas en bazinnetje. Wel langs de waterkant, want om erin te gaan staat hem duidelijk tegen. Tot zijn baas hem bij zijn kladden pakt en met de staart tussen de benen in het water laat zakken. Het bazinnetje zit in een veel te kleine bikini gepropt. Het schoolvoorbeeld van onze maar steeds uitdijende lijven. Bij het 'restaurant' staat een vlaggemast met op de vlag de tekst Free WIFI. Dat moeten we hebben. Het is maar een kilometer bij de camping vandaan. We gaan naar huis om te lunchen. Mijn broodje word belegd met prosseciuto di Parma en jong belegen van Appie. Daarna in de koekenpan met een glazen deksel erop. Op een zacht vuurtje tot de kaas begint te smelten. Met een glaasje koele melk, red ik het wel weer tot de avond. Mijn vrouw en gebiedster moet er nodig uit, dus de particulier chauffeur brengt haar naar Gardone Riviera. Daar gaan we op zoek naar een parkeergelegenheid en komen een heel eind boven de plaats uit. We mogen vijf euro betalen, waar ik liever wat voor consumeer. We kunnen gratis parkeren bij het museum voor religieuze kunst van het Kindeke Jezus. Die kan ook beter op de auto letten. Op een bord oriënteren we ons waar we precies zitten. Dat is toch nog steeds een aardig eindje van waar we willen wezen. Een stukje terug ontdekken we een paar parkeerplaatsen langs de weg. Hè, hè, dat is dat. De hele plaats is een creatie van ene meneer Luigi Wimmer, die de mogelijkheden van deze stek zag. Aan de waterkant staat een grote toren, waar een voorganger van Silvo Berlusconi, ene Mussolini z'n bunga bunga feestjes hield met zijn matras. Met hem is het overigens niet zo goed afgelopen. Ik hoop voor Silvo dat ze hem niet ondersteboven ophangen. We lopen langs het Grand Hotel en vragen en passant een folder voor een volgend keer. Een nachtje slapen kost 216 euro dus daar hoeven we het niet voor te laten! Aan de promenade ploffen we neer om de vijf euro die we uitgespaard hebben te verbrassen. En dan terug naar huis voor ons eigen bunga bunga feestje. We lezen wat en daarna ga ik kennismaken met het zwembad. Er zijn er hier twee, eentje beneden en een hierboven. Echt superdeluxe. Er zijn maar een paar mensen, dus heb ik het bad bijna voor mij alleen. Voordat ik weer terug ga, roets ik nog even van de waterglijbaan. Als ik opsta, ga ik bijna onderuit. Spiegelglad.
De groeten van Black en Dekker en tot morgen.

Islamitisch stemvee

Dinsdag 24 mei.
Migraine
Mijn lief staat om kwart over tien op met hoofdpijn. Ze laat me nog broodjes halen voor de lunch. Maar al gauw verergert de hoofdpijn tot een daverende migraine. Haar hoofd klapt uit elkaar. Ze wordt misselijk en moet overgeven, maar op het laatst is er niets meer te spugen. Ze is doodziek. Haar bloeddruk is 219 bovendruk! Dat is veel te veel. Later zakt die weer tot 149. Om kwart voor negen 's avonds keert ze langzaam terug tot de levenden. Ik heb de dag doorgebracht achter de computer. Wat Spaans geoefend, spelletjes gedaan en wat geschreven. 's Avonds nog even een rondje gelopen, om me te vertreden. Het boek 'De man die naar Auschwitz wilde' uitgelezen. Ongelofelijk hoe hij het er levend vanaf heeft gebracht. En een live verslag van de verschrikkingen van de concentratiekampen en de Jodenvervolging. Dat mensen zo diep kunnen zinken, is haast niet te bevatten. Dat zijn de opa's en ook oma's van een aantal huidige Duitsers. Zouden ze ooit verteld hebben, wat ze gedaan hebben? Of zit hun Jodenhaat zo diep dat ze er nog trots op zijn. Als je op You Tube kijkt zie je dat er nog steeds zieke geesten zijn. Het boek eindigt met een waarschuwing. "Het kan zo weer gebeuren. Als weldenkende mensen niets doen". Rost van Tonningen (NSB) werd in 1939 onder applaus door de voorzitter uit de Tweede Kamer gezet, vanwege zijn voortdurende beledigende taalgebruik. "Islamitisch stemvee", roept mijn vriend - God hebbe zijn ziel - in de Tweede Kamer en alleen Emiel Roemer en zijn SP verlaten de Kamer.
De groeten van Pauw en Witteman en tot morgen. 

San Felice del Benaco

Maandag 23 mei
Muurgraven
Vandaag naar San Felice del Benaco en Saló geweest. San Felice is een plaatsje dat de stormen van de tijd redelijk is doorgekomen. Zoals veel stadjes op het platteland, ademt het nog de sfeer van de Middeleeuwen, met nauwe straatjes en overwelfde doorgangen. Wel staan er natuurlijk een paar geweldig grote kerken, voorzien van fraaie fresco's, schilderingen en wat dies meer zei. We bezoeken boven op een berg het kerkhof, dat vroeger een kasteel of burcht moet zijn geweest. De toegangspoort loopt onder een flinke toren door en achterin staat nog een flink restant van een hoektoren. De muurgraven zijn - zoals gebruikelijk in Italië - voorzien van een foto. Als iemand overlijdt wordt dat middels een groot aanplakbiljet kenbaar gemaakt. Het doet me denken aan mijn voorouders die als aanspreker een deel van hun inkomen verdienden. De reis gaat verder naar Saló een wat grotere toeristische plaats, waar we eerst op zoek moeten naar een parkeerplaats. Tenslotte belanden in een parkeergarage. Saló heeft een leuke boulevard met gezellige cafeetjes. Daarachter smalle straatjes met winkeltjes. We drinken koffie aan de boulevard. Als we door de straatje slenteren staat er een reclamebord met verschillende broodjes. We kiezen er een met prosseciutto en kaas. Het duurt nogal, maar het is de moeite waard. De broodjes worden ter plekke gemaakt en gaan vervolgens even in de oven. Er worden van allerlei soorten koffie verkocht. Een soort kost maar liefs 220 euro per kilo! Daar kan je heel wat bakkies van doen! Onze bakkie is overigens goedkoper dan aan de boulevard. Mijn espresso kost 1,10.

's Avonds hebben we nog een ijsje gegeten bij de haven van Portese.

zondag 12 juni 2011

De Man die naar Auschwitz wilde

Zondag 22 mei
Haven van Portese
Vandaag een rustig dagje om bij te komen van de schrik. 's Middags zijn we naar het haventje gewandeld, waar we hierboven een prachtig uitzicht op hebben. Wat rondgekeken, een ijsje gegeten tot we ons de 94 treden weer naar boven hesen. Daar kom ik tot de ontstellende ontdekking dat er een glas uit mijn bril ontbreekt! Met een miniem schroevendraaiertje heb ik thuis al verschillende keren geprobeerd om de zaak weer vast te zetten, maar dat was maar tijdelijk. Vervolgens op het schoolbord gezet dat ik langs de opticien moest. Maar dat niet in praktijk gebracht. Aan de auto-inpakster gevraagd of ze de schroevendraaierset mee wilde nemen. Maar ja daar heb je niks aan als je geen glas meer hebt. We hebben de hele hut afgezocht, maar zonder resultaat. Nou ja, in het land der blinden is eenoog koning. Ik heb m'n leesbril en m'n zonnebril met geslepen glazen nog. Dus zolang de zon blijft schijnen ....
Ik krijg van mijn teerbeminde het boek 'De Man die naar Auschwitz wilde'. De laatste dagen voor de vakantie heb ik veel op you tube gekeken, van alles over de oorlog. Ik begrijp dat mensen gemanipuleerd werden, goedschiks of kwaadschiks. Wie zich niet wilde voegen, of kritiek had, kwam achter de tralies, of erger. Alle organities werden ingelijfd en kinderen werden op school geïndoctrineerd over het Groot-Duitse Derde Rijk. Als je de parades ziet en al het vlagvertoon, kom je onder de indruk en niet te vergeten de marsmuziek die je maar al te gemakkelijk meezingt omdat ze zo lekker in het gehoor ligt. Als dienstplichtig soldaat werd je opgeroepen voor de Wehrmacht. Je maar te gaan, zoals ik dat hier in Nederland ook was. Eerst natuurlijk de jonge jongens die het makkelijk gemist konden worden en later ook de huisvaders. In dienst probeer je er het beste van te maken. Je maakt vrienden en trekt samen op. Maar denk eens aan al die gezinnen waar de een na de andere broer wegvalt. Dat moet diep hebben ingegrepen. De onderbuik van de samenleving ging bij de SS. Het eliteleger van Himmler. Die hebben ook de meeste misdaden op hun geweten. Er moesten schuldigen worden aangewezen voor de diepe depressie die Duitsland na de Eerste Wereldoorlog teisterde. Dat werden de Joden. Wij hebben in Nederland ook weer een bevolkingsgroep ('Volksvreemde elementen', noemde Mussert ze.) die hier volgens sommigen niet thuishoort. De geschiedenis herhaalt zich.
Nederland voor de Nederlanders!
Hou zee

Portese

zaterdag 21 mei
's Morgens lekker douchen en daarna ontbijten. Alles bij elkaar nog geen honderd euro. De dag begint minder goed, maar met de mij eigen vaardigheid en vernuft (totdat het een keertje misgaat) red ik me uit een penibele situatie. We moeten oversteken en het is nogal een onoverzichtelijk kruispunt. Terwijl ik optrek, komt er zowel van links als van rechts een auto. Ik kan er nog net tussendoor. Al gauw neem ik - als een ervaren coureur - weer deel aan de race naar het Zuiden. Vandaag doorkruisen we Oostenrijk We rijden minder kilometers, maar bij het Gardameer houdt het toch behoorlijk op. In Affi zit een grote supermarkt, weet mijn lief nog te vertellen, - ik onthoud dat soort dingen niet - waar we bijna voor een week inkopen doen. € 67. Dan verder naar Portese bij San Felice del Benaco. Het is linksom, rechtsom bochtjes naar beneden en naar boven, maar uiteindelijk zijn we dan toch rond 16.00 uur op camping Eden. Mijn reisleidster had al te kennen gegeven dat we 94 treden naar boven moesten lopen en had een filmpje op de website gezien. Wijselijk had ze me dat niet verteld, want ik heb last van hoogtevrees en zou op voorhand al de zenuwen hebben gekregen. Bij de receptie kregen we te horen dat we naar boven moesten rijden, naar de tent van Go4Camp waar we onze reservering geboekt hadden. De weg ging steil naar boven over zo'n tien tot vijftien meter, dan komt er een S-bocht en gaat het weer steil naar boven, even een recht stuk en weer naar boven. Ik zat in het schuitje dus ik moest meevaren. Maar het zweet stond in mijn handen en de zenuwen waren we bijna de baas. Gelukkig hield mijn engelbewaarder een oogje in het zeil. Ik wist een ding zeker: DIT GA IK NOOIT MEER DOEN! Eenmaal boven en met een glaasje fris, kalmeerde ik weer en na een kennismakingsgesprekje met Annelies en Harrie uit Brunssum reden we naar ons van alle ge- en onge- makken voorziene chalet. Uitpakken en inpakken, een alcoholische versnapering voor de stress en daarna hebben we het brood dat nog over was van de reis met een kopje soep naar binnen gewerkt. 's Avonds hebben we nog een wandelingetje gemaakt. Daarvoor moet je die bijna honderd treden op en af, maar ja dat is goed voor de conditie. De eerst nacht was heel onrustig, Ik was steeds opnieuw mijn trauma aan het verwerken en dacht met angst en beven aan het moment dat ik weer naar beneden en weer naar boven zou moeten.
Arrivederci

Op weg naar het Gardameer Irschenberg

vrijdag 20 mei
Het is weer zover. Er moet weer nodig op vakantie worden gegaan. Een vreemde afwijking die tot een jaarlijkse traditie is verheven. Je hoognodige bezittingen en benodigdheden bij elkaar scharrelen, in dozen, pakken en zakken doen. Je comfortabele huis achter je laten en honderden kilometers rijden om aan de dagelijkse sleur te ontsnappen. De reis gaat dit jaar richting Gardameer en in tegenstelling tot andere jaren, heb ik goed geslapen en zit lekker in mijn vel als we gaan rijden. Het is niet echt druk op de weg. We stoppen ongeveer om de 200 km. Onderweg zijn er nogal wat opbrekingen, maar dat leidt nauwelijks tot vertraging. Daarom besluiten we door te rijden naar Irschenberg achter Munchen. Dat is zo'n 800 km. Vorig jaar hebben we daar ook overnacht in hotel Zür Post. We worden hartelijk ontvangen. De Tiroler Holzhacker Buben, gestoken in de ons zo bekende lederhosen met helpen (=Limburgs voor bretels), blazen een vrolijk deuntje, terwijl gastvrije dames in Dirndel jurkjes hun roomblanke - of is het melkwitte - uh.. dinges tentoonspreiden. Kamer 26 wordt de onze. Het is een lekkere ruime kamer met douche, toilet, televisie en een derde bed. Van de vier lampen in de badkamer brandt er slechts een en de douchekop is hard toe aan een ontkalkingsbeurt, maar dat zijn futuliteiten die de pret niet mogen drukken. Wat eet je in Beieren? Natuurlijk een Schweineschnitzel die het halve bord in beslag neemt, met als Beilage frische Salat en pommes frites. En wat drink je in Beieren? Genau! Ein halbe liter! Zum Wohl! Na een wandelingetje door het dorp drinken we nog koffie en liggen rond half elf tussen de vette lappen. We slapen als roosjes.
Auf Wiener Schnitzel und bis Morgen.
Heidi und Peter

dinsdag 3 mei 2011

Jijen en jouwen

Wat vind je daarvan, was de vraag van Jos van Noord, redacteur van de rubriek 'Wat raakt u?' in de Telegraaf. Laat het nu zo zijn dat ik daar wat van vind. Ik ben nog uit de tijd van 'U' (met een hoofdletter) en je petje afnemen voor meneer pastoor en de burgemeester. 

Toen ik vanachter de kachel (horecakeuken) in het horecaonderwijs terecht kwam, spraken de leerlingen me aan met 'meneer', vaak reageerde ik daar niet op, totdat een van de leerlingen, die al een baantje in de keuken had, 'Chef' riep en daar reageerde ik wel op. In de vijf en twintig onderwijs op - wat tegenwoordig het VMBO heet - heb ik het respect zien veranderen. 'Respect', daar gaat het mijns inziens om. Respect is iets wat je moet verdienen. Het is een van de onderwerpen waar ik me tijdens mijn studie 'Speciaal Onderwijs' in heb verdiept. Er zijn leraren die zich bij de voornaam laten noemen, die respect hebben van de leerlingen door de manier waarop ze zich kenbaar maken en er zijn er waar de leerlingen de kachel met de leerkracht aanmaken. Wie respect afdwingt, wordt met respect behandeld. Ik had een collega die het jaren had volgehouden met autoritair optreden. Tot hij bij mij in de afdeling ITO(individueel Technisch Onderwijs = voor leerlingen voor wie studeren een kruis is, en graag hun handjes laten wapperen.)  kwam. Hij redde het niet en heeft voortijdig het strijdtoneel verlaten. In de tijd dat ik grootvader werd, spraken de leerlingen van mijn klassen me aan met 'opa'. Dat was een uiting van respect en verbondenheid. Tot op een keer een onbekende leerling me in de gang met 'opa' betitelde. Die heb ik duidelijk gemaakt dat die eretitel alleen voor mijn leerlingen bedoeld was. Verder werd ik aangesproken met : 'Meneer, heb je ..' Ik heb dat niet bezwaarlijk gevonden. 
Ik spreek nog steeds een onbekende van mijn leeftijdscategorie aan met 'u', en - als de situatie zich daarvoor leent - met 'je'. Een gezagsdrager zoals een politieagent, of een ambtenaar op het gemeentehuis behoort je aan te spreken met 'u'. Tutoyeren verkleint de afstand tussen gesprekspartners en je behoort te weten, wanneer dat van toepassing is en wanneer niet. Iemand die dat verschil niet weet, plaatst zichzelf beneden de ander.

maandag 2 mei 2011

Obama pakt Osama

Vijf uur was het vanmorgen, toen ik even achter de computer kroop, omdat ik de slaap niet meer kon vatten. Een van mijn favoriete pagina's is El País, een Spaanse krant. Die kopte over de hele pagina dat onze grote vriend Osama bin Laden bij zijn Schepper op audiëntie was, door toedoen van de Special Forces van Obama. Ik vermoed dat hij boven heel wat uit te leggen heeft. Ik weet niet of het in de Koran staat, maar in de bijbel staat dat wie het zwaard hanteert, ook door het zwaard zal omkomen. Kortom een koekje van eigen deeg. De hele wereld is in rep en roer, maar of we daar nu zoveel mee opschieten, is nog maar de vraag. De tijd zal het leren en ik mag zeggen; 'het zal mijn tijd wel uitdienen'. Elke dag die ik in gezondheid mag meemaken, is mooi meegenomen en boven is het - naar mijn informatie - ook best uit te houden. Als je tenminste - net als ik - een braaf leven hebt geleefd. (Ik ga hier echt niet vertellen, wat ik allemaal heb uitgevreten!)
Zat ik maar daar!
Een andere schokkende gebeurtenis die vandaag plaats vond en die ik mijn oplettende lezertjes (geleend van Ollie B. Bommel) niet wil onthouden, zijn de gevolgen van mijn overmoed. Voor een zacht prijsje kochten we een mengkraan met slang, omdat de huidige na bijna vijfentwintig jaar trouwe dienst teveel mankementen ging vertonen. Ach, even een paar moertjes vast- en losdraaien. Dat moet toch geen problemen opleveren.  Nou, begin d'r maar niet aan. Na het losdraaien van de aansluitingen begon het gevecht om de kraan uit de gootsteen te verwijderen. Hoe zat dat kreng in godsnaam vast? Even epibreren helpt soms, dus ik lastte een pauze in, maar wat ik ook met een spiegeltje en een lampje probeerde om te zien hoe de zaak vast zat. Ik kon er geen touw aan vastknopen. Na lang vijven en zessen besloot ik de boel maar weer vast te draaien in afwachting van een deskundoloog op het gebied van de loodgieterij. Toen brak helemaal de pleuris uit. Tot dan toe had ik het droog gehouden, maar het water gutste aan alle kanten langs de lekke leidingen. Waar vind je tegenwoordig nog een goede loodgieter. ? Ik heb een heel rijtje afgewerkt, maar uiteindelijk kreeg ik er toch een te pakken. Om half zes had hij nog een gaatje. Frank Bolder was zijn naam en bij mij begon er een lampje te branden. "Heb je op de Boulevard gezeten? Ja, natuurlijk, want daar komen alleen maar vakmensen vandaan. Voor de goede orde, ik gaf horeca en hij zat op installatietechniek. Maar in de tweede klas kregen alle leerlingen enkele uren alle vakrichtingen, dus ook koken. En bij gebrek aan gasten aten alle klassen ook om beurten in het restaurant. Nou ja, je begrijpt het al. Even herinneringen ophalen en mijn kraantje deed 't weer. Er is ook nog een wijze les uit te trekken:
'Eerst gedaan en dan gedacht, heeft menigeen in leed gebracht.'
Tot op de barricaden en hou de vlag in top.

woensdag 20 april 2011

Terug in de tijd


Vandaag voor de derde keer in mijn leven de Ruwenberg in St. Michielgestel bezocht. De eerste keer was dat van 1952 tot 1955. Een tijd met merendeels niet zo leuke herinneringen. (Lees ) .
Nu eerst even de aanleiding van mijn bezoek. Middels Schoolbank kwam ik enige tijd geleden in contact met een oud leerling, die in 1952 het levenslicht zag. Hij woonde en woont in St. Michielsgestel en volgde als externe leerling op de Ruwenberg het onderwijs. Daar vertrok hij voor vier jaar naar de Pedagogische Academie om vervolgens als leraar terug te keren. Dat heeft hij twintig jaar met veel plezier gedaan en werd in die tijd ook lid van de directie. Ook binnen de gemeente is hij heel actief, zodat hij over veel contacten beschikt. Hij nodigde mij uit om eens op bezoek te komen en dan het restant van de kostschool - te weten het kasteeltje uit de 13e eeuw te bezoeken. En dat heeft vandaag plaatsgehad. We kregen een geheel verzorgde rondrit door het dorp, waarvan ik me toch nog maar weinig herinnerde. Nou ja, als je dertien bent, let je niet op architectuur of mooie omgeving. En het is 59 jaar geleden! Dan mag je wat vergeten. Op de Ruwenberg liepen we de directeur tegen het lijf, die ons prompt niet alleen door het kasteeltje maar het hele complex leidde. In een Woord: FANTASTISCH! Mijn boze woorden over de afbraak en de nieuwbouw, trek ik hierbij deemoedig in. Ook bezochten we de toenmalige nieuwbouw van de Ruwenberg, waar onze gastheer nog les had gegeven en in de nieuwbouw glas in lood ramen uit de kapel van de Ruwenberg op een opvallende plaats had laten inbouwen. Enig gevoel voor historisch besef en cultuur ontbrak echter op deze school, omdat er een bord en kasten voor waren geplaatst. Cultuurbarbaren! Tot slot mochten we op het terras van een plaatselijke herberg genieten van koffie met een onbehoorlijk stuk appeltaart.
De reis bracht ons verder naar mijn geboortestad 's-Hertogenbosch, waar we naar het Brabants archief gingen, om van mijn voorouders de gegevens van Maria Theodora Albers, mijn betovergrootmoeder die op 15 februari 1829 als ongehuwde dienstmeid het leven schonk aan een zoon, te verifiëren. Ik heb zo'n idee dat de zoon of de heer des huizes waar ze diende, zich 's avonds in de kamerdeur heeft vergist. Nadat we van zes van haar voorouders ( de oudste uit trouwerij uit 1744!) kopieën van de akten hadden gemaakt, togen we naar de stad, waar enkele nazaten van mijn neven ons familieberoep in ere houden. Van Herberg de Gouden Leeuw in Berlicum, naar de Lohengrin op de Markt in 's-Hertogenbosch, vandaar naar Hotel Royal in de Vischstraat en Chalet Royal. In 2011 moet je naar de markt tegenover het stadhuis, waar twee Van Gaalens, Joost en Robbert in Jeronimus met veel enthousiasme hun gasten in de watten leggen. Met een stralend zonnetje genoten we op het terras van een perfect wit biertje. Een uitgelezen plek om ook eens van de kookkunsten van Joost te genieten. Dat zat er deze keer niet in, want er moest nog een Bossche Bol bij de Groot worden genuttigd. We hebben er ook nog zes meegenomen om morgen onze zesenveertigjarige echtvereniging te vieren. Ach ja, we komen de dagen wel door.
Hasta la proxima vez, zullen we maar zeggen!
PS Eefje, bedankt voor de tip!

woensdag 5 januari 2011

Koud!!!


Daar ben ik weer!. Zoals je ziet is het vliegtuig onderweg niet blijven steken. 's Morgens om half acht stond taxista Manolo voor de deur te wachten en bracht ons gezwind in twintig minuten naar Málaga Aeropuerto. Wij wachten op een bankje tot de dame voor het inchecken verscheen. Een tijdje stonden we in de rij om als een van de eersten aan de beurt te zijn. Voor ons stond een kauwgumkauwend echtpaar met hun dochter. Toen eindelijk de incheckbabe verscheen, kregen ze in de gaten dat ze in de verkeerde rij stonden en mochten ze achteraan sluiten in de andere. Dat komt ervan als je niet op de borden kijkt! Bij de security werd ik onmiddellijk uit de rij gepikt. Ze dachten dat ik een bomgordel om had, maar het waren slechts mijn zwembandjes. Achter in de incheck kwam Ria tot de conclusie dat ze een tas met een kussentje erin op de bank had laten staan. Dus ging ze weer terug waar intussen een aantal beveiligers gewapend met telefoons druk stonden te gesticuleren: Wat zat er in die feloranje tas die moederziel alleen op de bank stond? Ria wees naar het plafond en griste de tas weg, rende naar de security en legde de tas in een bakje, waarna die door de doorloopmagnetron ging. Alles kits. Dus konden we rustig aan de koffie. Keurig om half elf verlieten we de Spaanse bodem en genoten twee en half uur van de zon boven de wolken. Ik las het boekenweekgeschenk 'Twee vrouwen' van Harry Mulisch (God hebbe zijn ziel = aanvoegende wijs) en Ria deed zowaar een dutje, terwijl een krijsende baby voortdurend in de rug van haar stoel prikte. Moeder deed er van alles aan om het lieve kind rustig te krijgen, maar ze had geen enkele uitzending van Derek Ogilvie gezien, dus dat mislukte jammerlijk. Pa zou een leeg bierflesje hebben geadviseerd.
Zoals het een Nederlandse maatschappij betaamt, landden we exact om half twee op vaderlandse bodem. Vervolgens begon de lange wandeling over de loopbanden, richting bagage. Eentje deed het niet en dus moesten we zelf onze pootjes voor elkaar zetten. Een regelrechte schande waarvoor ik Schiphol nog voor aansprakelijk zal stellen. Alweer een goede Nederlandse gewoonte. Aansluitend kochten we een zoutkaartje bij de NS. Pro Rail had intussen alle blaadjes van de rails geveegd en de boel sneeuwvrij gemaakt zodat we aansluitend met gezwinde spoed richting Utrecht reden. In de trein ontmoetten we een Zuid-Afrikaanse universiteitsmedewerker, met wie we tot Utrecht van gedachten wisselden. Hij kwam uit de buurt van Johannesburg, de meest criminele stad ter wereld en vond het hier allemaal zo prachtig geregeld, dat hij zijn vrouw had gevraagd mee te emigreren. Ik wilde hem niet teveel voor het hoofd stoten, dus heb hem maar niet verteld waar wij ons hier druk over maken. Heb je het gehoord? Hoofdcommissaris Welten van Amsterdam houdt geen vrouwen met burka's aan! Ik doe geen oog meer dicht! Straks hebben we hier een tsunami van wel 200 burkadragende moslima's hier. Je kunt verdorie niet meer veilig over straat! Te gek voor woorden. Fijke zou zeggen: ¡Que más da!
Bij het overstappen in Utrecht verloren we elkaar uit het oog. Je weet wel die Suid Afrikaander boer. Baie aardig overigens. Wel een gezeul hoor met die koffers. In Arnhem mochten we met de lift naar boven en beneden. Over de verbouw van het station in Arnhem komt binnenkort een boek uit. Het duurt net zolang als het bouwen van een Kathedraal in de Middeleeuwen.
De boemel van Syntus bracht ons onverwijld naar Duiven city, waar onze dochter ons ophaalde.
En zo kwam er weer een einde aan een veelbewogen dag.
God zij met u (aanvoegende wijs)
Tot op de barricaden en hou de vlag in top!
Casey
Foto: Vlucht 6116 van Transavia